Hulp bij het gedrag

Haans KaJo

Alle kinderen en jongeren vertonen wel eens probleemgedrag. Bijvoorbeeld als er iets in hun omgeving verandert (andere eisen vanuit de omgeving, een verhuizing, andere vriendengroep, spanningen met anderen of na een nare ervaring) of als er binnen het kind of de jongere dingen veranderen (hormonen, andere behoeften). Vaak gaat dat probleemgedrag na verloop van tijd weer over; het kind en de omgeving komen weer in evenwicht met elkaar.

Het kan echter ook dat het probleemgedrag langere tijd blijft. Misschien omdat onduidelijk is waardoor het wordt veroorzaakt, of omdat de situatie moeilijk te veranderen of terug te draaien is, bijvoorbeeld na een scheiding of een traumatische ervaring, of bij aanhoudende pestervaringen of (faal-)angst.

Wanneer de oorzaak van het probleemgedrag niet duidelijk is, kan onderzoek meer duidelijkheid geven. Vaak zijn vragenlijsten voor ouders en leerkrachten hierbij helpend. Gedrag kan namelijk sterk verschillen per leefgebied, omdat elke nieuwe situatie andere eisen stelt. Na een intakegesprek en analyse van de vragenlijsten kan veelal aangegeven worden hoe het onderzoek is opgebouwd, om uw hulpvraag te kunnen beantwoorden.

Wanneer de gedragingen dermate ernstig zijn dat een kind er door wordt belemmerd in zijn ontwikkeling, is contact met de huisarts of het Centrum Jeugd en Gezin aanbevolen. Zij kunnen inschatten of een verwijzing voor vergoed onderzoek of behandeling passend is. Dit betekent overigens niet dat er een diagnose gesteld zal worden. Het geeft richting aan uw hulpvraag, maar pas nadat onderzoek is gedaan kan gezegd worden of een diagnose (bijvoorbeeld ADHD of een Angststoornis) ook echt van toepassing is.

In alle gevallen kan probleemgedrag gezien worden als een roep om hulp, waarvan het belangrijk is die te horen. Hoe sneller er duidelijkheid komt over de oorzaken, hoe eerder (en makkelijker) het gedrag kan worden bijgestuurd. In dit kader is onderzoek naar gedragsproblemen dan ook gericht op het geven van adviezen aan zowel het kind/de jongere als aan de omgeving waarin het probleemgedrag voorkomt (bijvoorbeeld thuis, op school of beiden).

Wanneer de oorzaak van het probleemgedrag al helder is, kan een verkort onderzoek of een gesprek voldoende zijn om behandeling te starten.